Informasie oor die woord oord (Nederlands → Esperanto: loko)

Sinonieme: lokatie, plaats, plek, stee

Woordsoortselfstandige naamwoord
Uitspraak/ort/
Afbrekingoord

Voorbeelde van gebruik

Ze schenen het te hebben over het weer, in oorden waarmee hij niet bekend was.
Hoe heet dit oord en wie zijn deze lieden?
Het was de tijd dat de vogels naar het zuiden trokken en de twee dwergen die men hierboven ziet lopen, waren ook op weg naar betere oorden.
En ik was blij dat oord van verschrikking te kunnen verlaten.
Men kan ver gaan zonder dit oord te verlaten.
Wij komen van een afgelegen oord.

Vertalinge

Afrikaansplek
DuitsStelle; Platz
Engelsplace
Esperantoloko
Fransplace
Jamaikaanse Patoisplies
LuxemburgsUertschaft
Nederduitsplaatse; steade; lokåty
Papiamentslogá; lugá
Russiesместо
SaterfriesStede; Terrain
Swahilimahali
Wallieslle
Wes‐Friesstee; plak