Dutch–English dictionary

English translation of the Dutch word ineen

Dutch → English
  
DutchEnglish (translated indirectly)Esperanto
(aaneen; bijeen; samen; tezamen; bij elkaar; saam; bij elkander; gezamenlijk);
jointly
(ineendrukken; samendrukken; samenknijpen; samennijpen); ;
compress
;
constrict
; ;
squeeze
kunpremi
(ineendringen; samendrukken; samenknijpen; samennijpen); ;
compress
;
constrict
; ;
squeeze
kunpremi
cower
;
🔗 De schrik deed hem ineenkrimpen.
cower
; ;
(communiceren)
communicate
(in elkaar passen)
fit together
enadaptiĝi ĝuste
(slinken; verschrompelen);
shrivel up
;
shrivel
🔗 Hij had een kreet geslaakt en was neergevallen, en hij was ineengeschrompeld tot een zwarte klomp die in een spin was veranderd die wild door de kamer had gerend tot Yara hem onder zijn voet verpletterd had.
(instorten)
collapse
(instorten)
;
subfleksiĝi
(bijeenvoegen; samenstellen)
put together
; ;
compose
; ; ;
combine
;
assemble
kunmeti

DutchEnglish
ineendraaien twist; twist together
ineenflansen throw together
ineenfrommelen crumple up
ineengrijpen interlock
ineenkrimpen cower; curl up; double up; wince; writhe; shrink; cringe
ineenkronkelen coil; curl
ineenlopen run into each other; communicate
ineenschuiven telescope; telescope into each other
ineenslaan link; strike together
ineenstorten collapse; crash
ineenvloeien flow together; run into each other
ineenvoegen fit together
ineenzakken collapse; founder