English–Dutch dictionary

Dutch translation of the English word ship of the line

English → Dutch
  
EnglishDutch (translated indirectly)Esperanto
(file; rank; row; queue; round; run; sequence; bank; string);
🔗 These were followed by the long line of prisoners accompanied by another officer and a small guard.
subŝtofi
(verse);
versregel
(align)
in de rij zetten
;
in een rij opstellen
vicigi
(align);
in de rij gaan staan
;
zich in een rij scharen
viciĝi
(cord; rope; string; chord); ;
(fishing‐line)
(thread; yarn);
🔗 The slashes indicate that everything on the right on the same line is a comment.
(dispatch; send off; consign; forward); ;
🔗 Last year, the US accused North Korea of covertly shipping artillery shells to Russia.
(vessel)
🔗 It has few working ships, a result of budget cuts by the ruling African National Congress (ANC).

EnglishDutch
ship of the line linieschip
line aanpak; afzetten; artikel; assortiment; bekleden; beleggen; beleidslijn; beschieten; bloedlijn; branche; briefje; file; gedragslijn; grenslijn; groef; groeve; lijn; lijntje; linie; liniëren; methode; queue; reeks; regel; regeltje; richting; richtsnoer; rij; rimpel; scheepvaartlijn; schreef; snoer; spoorlijn; staan langs; standpunt; strafregel; streep; strepen; touw; uitlijnen; vak; voeren
ship aan boord nemen; afschepen; afzenden; bodem; expediëren; inladen; innemen; inschepen; per schip verzenden; schip; transporteren; verladen; verschepen; verzenden