Informatie over het woord knauwen (Nederlands → Esperanto: mordi)

Synoniemen: bijten, happen

Woordsoortwerkwoord
Uitspraak/ˈknɑʊ̯ʋə(n)/
Afbrekingknau·wen

Vervoeging

Aantonende wijs
Tegenwoordige tijdVerleden tijd
(ik) knauw(ik) knauwde
(jij) knauwt(jij) knauwde
(hij) knauwt(hij) knauwde
(wij) knauwen(wij) knauwden
(jullie) knauwen(jullie) knauwden
(gij) knauwt(gij) knauwdet
(zij) knauwen(zij) knauwden
Aanvoegende wijs
Tegenwoordige tijdVerleden tijd
(dat ik) knauwe(dat ik) knauwde
(dat jij) knauwe(dat jij) knauwde
(dat hij) knauwe(dat hij) knauwde
(dat wij) knauwen(dat wij) knauwden
(dat jullie) knauwen(dat jullie) knauwden
(dat gij) knauwet(dat gij) knauwdet
(dat zij) knauwen(dat zij) knauwden
Gebiedende wijs
Enkelvoud/MeervoudMeervoud
knauwknauwt
Deelwoorden
Tegenwoordig deelwoordVerleden deelwoord
knauwend, knauwende(hebben) geknauwd

Vertalingen

Afrikaansbyt
Albaneeskafshoj
Catalaansagafar; corroir; mossegar
Deensbide
Duitsbeißen
Engelsbite
Engels (Oudengels)bitan
Esperantomordi
Faeröersbíta
Finspurra
Fransmordre
Hawaiaansnahu; nanahu; ʻaki; ʻakina; ʻaʻaki
IJslandsbíta
Italiaansmordere
Jamaicaans Creoolsbait
Jiddischבײַסן
Latijnmordere
Luxemburgsbäissen
Maleismenggigit; gigit
Noorsbite
Papiamentsmorde
Poolsgryźć
Portugeesatacar metais; dar dentadas; morder; rilhar
Russischгрызть; кушать
Saterfriesbiete
Schots-Gaelischbid
Spaansmorder
Srananbeti
Tsjechischkousat; kousnout; pokousat; uštknout
Westerlauwers Friesbite
Zweedsbita; nappa